
De lamsbout inwrijven met citroensap; minstens 1 uur laten trekken.
De aardappelen
schillen, wassen en in dunne schijfjes snijden; afdrogen in een
keukenhanddoek. De tomaten in kokend water dompelen, pellen, en in
schijfjes snijden. Peterselie fijnhakken, knoflook door de pers, en
mengen met chapelure
en olijfolie.
De oven voorverwarmen op 175°. Een grote ovenschotel insmeren
met
olijfolie, de bodem bedekken met de aardappelschijfjes. Peper en zout
en wat olijfolie erover. De lamsbout bovenop de
aardappels
leggen., met
peper en zout bestrooien, en
insmeren met het peterselie-knoflookmengsel. Rondom de lamsbout de
aardappels bedekken met de
tomatenschijfjes.
Ongeveer 1 ½ u in de oven
plaatsen. De keuken en de rest van het huis ruikt intussen
overheerlijk!
Na zowat 1 ½ uur (hangt af van het gewicht van de bout) de
schotel uit
de oven halen, de bout op een snijplank laten « rusten
», de schotel
intussen warmhouden in de restwarmte van de oven.
De lamsbout versnijden, en het vlees terug in de ovenschotel leggen; zo op tafel brengen met een kom sla of boontjes. Bij het opscheppen kunnen je gasten kiezen voor roze of doorbakken vlees. Een zomerse schotel voor een gezelschap van 6 tot 10 personen. Voor een kleiner aantal eters kan je een lamsschouder (gehele, niet ontbeende) nemen. Wil je deze schotel in de winter maken, neem dan liever tomaten uit blik dan wintertomaten.
Een traditioneel gerecht uit Apulië (Italië), varianten op deze bereiding vind je in heel Zuid-Europa terug.