
In
een braadpan de stukken vlees aanbakken in olijfolie op een hevig
vuur.
Als het vlees langs alle kanten bruin is blussen met een glas witte
wijn, en daarna overbrengen in een sauteuse, en op een zacht vuurtje
zetten.
Spek in kleine blokjes snijden, ui pellen
en hakken, hetzelfde
voor wortel en venkel, en alles samen aanbakken in verse olijfolie in
de braadpan. Bij het vlees voegen. Ook de tomatenblokjes gaan erbij,
met een blad laurier en een takje thijm. Dit moet ongeveer 1
½ uur
zachtjes pruttelen, tot het vlees helemaal gaar is.
De quinoa aan de kook brengen in 2 maal zijn volume water. Ongeveer 20 minuten zachtjes laten pruttelen.
De champignons afspoelen en snijden, opbakken in de braadpan, en het laatste half uur laten meesudderen met het vlees. Helemaal op het einde kruiden met peper en zout, en de helft van de fijngehakte koreander erover strooien.
De kalfsragout in een schotel doen, de rest van de koreander erover strooien en op tafel plaatsen. In een andere schotel de quinoa opdienen.
Quinoa wordt sinds vele eeuwen op de hoogvlakte van de Andes geteeld. Voor de Inca's, en ook vandaag nog voor de arme Indiaanse boeren van Bolivië en Peru is het een basisvoedsel. Kies voor fair trade quinoa, zo krijgen deze kleine producenten een eerlijke prijs voor een eerlijk product dat meestal biologisch geteeld wordt. De kleine ronde quinoa graantjes zijn uiterst voedzaam, ze worden bereid zoals rijst; men vindt witte en rode quinoa. Meestal meng ik 2 volumes witte met 1 volume rode quinoa, dat geeft een mooie kleuren combinatie op het bord.